Ik wil je vragen iets voor me te doen. Zoek eens een plaatsje uit waar het volledig donker is en ga daar nu eens eventjes zitten. Een paar minuutjes maar. Maar zorg er wel voor dat het er echt stikdonker is, dat je er echt je eigen hand niet meer voor je ogen kunt zien bewegen. En vergeet niet terug te komen om deze tekst verder te lezen.
OK, daar ben je weer ! Zo in het donker zitten is niet ècht prettig hé. Het voelt raar aan om niet precies te weten wat er rondom je gebeurt. Voor zover jij weet kan daar aan het plafond een Zwarte Weduwe zitten die zich gereed maakt om vanuit haar positie een sprongetje te wagen naar de bovenkant van je hoofd (Ik bedoel de spin, niet haar menselijke naamgenoot). Maar jij zou het niet weten hé, je kan immers niets zien. Het is ook erg verwarrend in die donkere plaats. Je verliest na een tijd alle gevoel voor waar alles staat en je kan dus niet gaan rondlopen want je gaat overal tegenaan botsen.
Maar daar komt het licht terug in die ruimte en je kijkt omhoog en je ziet dat daar geen vies, dodelijk wezentje op het plafond zit, en ook niet op je hoofd, en je kan weer op je gemak rondlopen want je ziet wat er allemaal voor en naast je staat.
Maar wacht nu eens even ! Spreken we nu over dezelfde ruimte ? Ja natuurlijk, maar het verschil zit in het feit dat er nu licht is. En dat licht verandert het hele perspectief. Als je in het donker zit, krijg je de neiging, de stèrke neiging, om op zoek te gaan naar licht.
Realiseer je je dat wij allemaal op dit ogenblik in een donkere kamer zitten ? Geestelijk gesproken dan. De bijbel spreekt daar zelf over. Paulus schrijft aan de gelovigen in Efeze: “Wij hebben te niet worstelen tegen bloed en vlees, maar tegen de … wereldbeheersers dezer duisternis” (6,12).
Hij zegt dus dat de donkere ruimte waarvan hierboven sprake precies ‘onze wereld’ is. De wereld waarin wij leven. We kunnen wel zien wat er zich in de materiële wereld afspeelt, maar we zijn blind voor de geestelijke wereld. Voel jij je ook ‘niet echt prettig’ en ‘raar’ dat je niet weet wat er zich op dit moment in die duisternis afspeelt ? Dat je niet weet of een gevaarlijke geestelijke spin zich voorbereid om je hoofd binnen te dringen ? Of dat je misschien geestelijk tegen van alles op loopt, terwijl je je het niet eens realiseert ?
Weet je wat ? In die situatie heb ik ook ‘een neiging, een sterke neiging,’ om op zoek te gaan naar een licht, een geestelijk licht dat van buiten op mij af komt om me geestelijk bij te lichten. Maar waar vind ik zo’n licht ? “Uw woord is een lamp voor mijn voet, en een licht op mijn pad” schreef de psalmendichter duizenden jaren geleden al (Psalm 119, 105). Inderdaad, dat is de functie van de Heilige Schrift: ons helder licht geven op dingen die in de geestelijke duisternis gebeuren. En daarom is het zo belangrijk dat we de bijbel gaan lezen, meer nog, dat we hem gaan bestuderen. Anders blijven we veel te kwetsbaar voor aanvallen die ons geestelijk bedreigen. Moeilijk te geloven ? OK, laat me u een voorbeeld geven.
In een hoekje in je donkere kamer hoor je ineens een stemmetje dat tegen je begint te spreken. Wat zegt het toch ? Ah, nu begrijp je het: “Ge zijt eigenlijk niks waard”, zegt het. “Bekijk uzelf nu eens. Ge zijt toch ècht niet slank genoeg! En sterk ziet ge er ook niet uit, laat staan dat ge knap zoudt zijn! Bekijk u maar eens in uw adamskostuum, dan snapt ge wel wat ik bedoel. En over uw intelligentie zullen we het maar niet hebben zeker ? Want dan stijgt het schaamrood u helemaal naar uw hoofd…”. Je kruipt nu bijna onder de grond van onzekerheid, maar dan, dan begint ineens het licht te schijnen in die duistere kamer. En dan zie je de waarheid: “Want Gij hebt mijn nieren gevormd, mij in de schoot van mijn moeder geweven. Ik loof U omdat ik gans wonderbaar ben toebereid, wonderbaar zijn Uw werken; mijn ziel weet dat zeer wel”. (Ps 139, 13-14). En plots realiseer je je dat die beschuldigende stem die je in de duisternis hoorde, leugens vertelde. En omdat je nu ziet dat je een ‘handgemaakt schepsel’ zijt van de God Die zelfs dat prachtige universum daarboven minder mooi maakte dan Hij jou maakte. Van wat voor een enorme waarde ben jij toch !
Oei, we zitten weer in de duisternis. Wat wordt daar nu gefluisterd ? “Kom mee naar de kamer hiernaast. Daar kunt ge gratis met alcohol en drugs experimenteren. En er is pornografie met hopen op de computers die daar staan ! Meer nog, er zijn ook gewillige partners genoeg daar!”. Nu, dat klinkt wel aanlokkelijk niet ? En je staat op om erheen te gaan, maar voor je het weet bots je tegen een verborgen scheiding in je huwelijk aan, of tegen je eigen totaal verzwakte lichaam dat je in de duisternis niet had gemerkt, of een SOW-ziekte… Tenzij je misschien eerst dat licht nog eens hebt zien schijnen in die duisternis, dat licht dat je confronteert met :”Dwaalt niet, God laat niet met Zich spotten. Want wat een mens zaait zal hij ook oogsten. Wie op zijn vlees zaait, zal uit zijn vlees verderf oogsten” (Gal 6, 7-8).
Zie je wat ik bedoel ? Ik hoop het, want zonder het licht van Gods Woord ben je zo blind als een vleermuis in een kloof terwijl er volle maan is. Als je Gods Woord laat schijnen, zal je ontdekken waar je staat op je levenspad en zal je gaan zien wat je eigenlijk moet gaan doen met je leven. Samengevat, eigenlijk is het in de bijbel gaan lezen het meest ‘lumineuze’ dat tot nu toe ooit in je gedachten is opgekomen !
Ik las ergens – in een Gideonbijbel als je het absoluut wilt weten – een tekst met de volgende inhoud: “De bijbel bevat het denken van God, de situatie waar de mens zich in bevindt, de vloek die er in de zonde verborgen zit, de weg naar de bevrijding ervan, het geluk van de gelovigen. Zijn leer is heilig, zijn geschiedenis is waar, zijn beslissingen onveranderbaar. De bijbel bevat licht, biedt veiligheid, geeft geestelijk voedsel, troost en bemoedigt de lezer ervan. Het is een reisgids, een pelgrimstaf, een pilotenkompas, een soldatenzwaard en een christelijke wetgeving. Hij ziet het paradijs hersteld, de hemel open, de poorten van de hel gesloten. Hij vertelt over Jezus, de Zoon van God, en over de glorie van God zelf. Hij vult ons verstand, bestuurt ons hart, en stuurt onze voet onderweg. Hij is een mijn vol rijkdommen en een rivier vol blijdschap. Hij wordt je in dit leven gegeven, opnieuw geopend aan het einde van de rit van deze schepping en hij zal nooit verdwijnen”.
Heb je de bijbel al ooit zó bekeken?
Reacties